Als er bij de politie een E33-melding binnenkomt, gaat dat om iemand met onbegrepen gedrag. Dit type melding legt een onevenredig groot beslag op het politiewerk. ‘Ik denk dat zo’n 60 procent van het totaal aantal meldingen met deze problematiek te maken heeft’, zegt Martin Sitalsing, politiechef Noord-Nederland en portefeuillehouder Zorg en Veiligheid. De oplossing? ‘Zorg en veiligheid binnen één discipline. Dat gaat echt een verschil maken.’
“Als wij zo’n melding krijgen – en dat is vrijwel iedere dag – is er vaak al iets gruwelijk misgegaan. Iemand staat op het punt om van het dak van een hoog gebouw te springen bijvoorbeeld. Niet zo lang geleden hadden we hier om de hoek een dubbele moord, waarbij iemand in een psychose twee schoonmakers neerstak. Dat zijn de zware zaken”, verzucht Sitalsing. “Maar we komen ook bij situaties met mensen die hysterisch schreeuwen, mensen die voortdurend de muziek op de radio keihard zetten, troep van het balkon gooien… Soms is aanspreken voldoende om de ergste onrust op te lossen. Soms eindigt het in een drama.”
Wijkagent of arrestatieteam?
Sitalsing beschrijft wat er gebeurt als er een E33-melding binnenkomt: “Op de meldkamer wordt zo snel mogelijk de urgentie beoordeeld. Kan deze situatie opgelost worden door de wijkagent, of moet er een team of zelfs een arrestatieteam naartoe? Ook kijken we of de inschakeling van een sociaalpsychiatrisch verpleegkundige of contact met bijvoorbeeld het Leger des Heils wenselijk is. De ene keer is een goed gesprek genoeg en kunnen we de melding doorzetten naar het sociale domein. Maar de andere keer gaat het zo fout, dat optreden en aanhouden de enige optie is. Zo’n 200 tot 250 keer per jaar is de situatie zo gevaarlijk dat er een arrestatieteam aan te pas moet komen.”
'Mensen met onbegrepen gedrag worden rondgepompt in het systeem'
Geïntegreerd werken
Zodra de politie ervoor gezorgd heeft dat de situatie weer veilig is, blijft er het probleem van de veroorzakers: de mensen met onbegrepen gedrag. “Daarom pleiten wij voor een partij die 24/7 met ons optrekt binnen een geïntegreerd crisisteam. Zorg en veiligheid binnen één discipline. Dat gaat echt een verschil maken”, benadrukt Sitalsing. “Nu zie je dat ‘als de rust is weergekeerd’ de mensen met onbegrepen gedrag worden rondgepompt in het systeem. Hun problematiek is vaak zo complex, dat ze ermee naar verschillende loketten moeten. Nergens wordt een passende oplossing gevonden. En als je ziet dat organisaties als het Leger des Heils het soms ook niet meer weten, dan word je daar weleens mismoedig van. En toch mogen we deze mensen niet afschrijven. En je hoort dan: ‘Hoeveel kansen heeft iemand nodig? Het houdt een keer op.’ Maar stel dat het je kind is, dan blijf je zoeken en strijden.”
Een zaak van iedereen
Op de vraag of hij mogelijkheden ziet om escalaties van onbegrepen gedrag te voorkomen, antwoordt de politiechef: “Het is eigenlijk een zaak van iedereen. We laten als samenleving veel liggen als het gaat om contact en verbinding met anderen. En daar begint het vaak. We kijken weg, laten mensen aan hun lot over. Als we een melding krijgen van ‘de buurman’ en we vragen hem: ‘Hebt u uw buurtgenoot, die nu voor problemen zorgt, weleens gesproken?’, dan is het antwoord meestal ontkennend. Dat moeten we doorbreken."
"Tegenwoordig willen we alles het liefst uitbesteden aan een ander, maar het is onze verantwoordelijkheid als samenleving om met antwoorden te komen. En als het toch mis gaat, zijn de politie en de zorgaanbieders er natuurlijk, zoals het Leger des Heils. We kunnen van de mensen in buurten en wijken niet verlangen dat zij een geëscaleerde situatie oplossen. Zij kunnen dat niet. Maar een beetje meer compassie en verantwoordelijkheidsgevoel zou mooi zijn.”
Beter op elkaar passen
Er meer voor elkaar zijn, een beetje op elkaar passen, daar pleit Sitalsing dus ook voor. Hij geeft een voorbeeld uit eigen ervaring: “De campagne van SIRE over dementie heeft enorme indruk op mij gemaakt. Afgelopen winter, toen het zo glad was, zagen mijn vrouw en ik een oude man op straat, niet gekleed op de winterse omstandigheden. Hij schuifelde over straat met een koffertje en leek wat in de war. Mijn vrouw heeft hem even naar binnen gevraagd en zo hebben we hem uiteindelijk naar zijn bestemming kunnen helpen.”
Sitalsing ziet daarin ook een rol voor de professionals weggelegd. “Wij kunnen wellicht helpen om mensen bij elkaar te brengen. Een voorbeeld zijn. Campagnes voeren. Rolmodellen promoten.” Met een glimlach sluit hij af: “Wat dat betreft kan ik het boek Onbegrepen van Angélique van Deursen van harte aanbevelen.”