Levensloopaanpak

Beschermd wonen

Intensief, gezamenlijk en duurzaam

Levensloopaanpak biedt verwarde mensen de ondersteuning die nodig is

In Nederland zijn er ongeveer 1500 mensen met verward gedrag en een hoog veiligheidsrisico. Mensen die veelvuldig in contact komen met politie of justitie, of veel overlast veroorzaken in hun omgeving en risicovol gedrag laten zien. Voor deze mensen is de Levensloopaanpak ontwikkeld. Drie ambassadeurs van de aanpak aan het woord.  

Aan tafel in het regiokantoor van Leger des Heils Noordwest zitten drie mensen die allemaal even enthousiast worden als de term Levensloopaanpak valt. Omdat de aanpak werkt, en omdat het laat zien wat er mogelijk is als verschillende partijen samenwerken. Elsa Doze is directeur bedrijfsvoering ambulant & netwerksamenwerking bij Fivoor. Anneke Aanstoot is manager van het Zorg- en Veiligheidshuis Haagladen, en voorzitter van alle Zorg- en Veiligheidshuizen in Nederland. Marc Verberg is regiodirecteur Noordwest van het Leger des Heils. De drie kennen elkaar uit het werkveld, via casuïstiek en via bestuurlijke overleggen. Dus ook door hun betrokkenheid bij de levensloopaanpak.

De aanpak

De problematiek van sommige mensen is zo complex, dat hulp niet makkelijk te organiseren is. Elsa: “Maar we moeten we wel iets met deze mensen. Omdat ze recht hebben op hulp, en deel uitmaken van de samenleving. Maar vooral ook omdat ze juist een risico vormen voor diezelfde samenleving. Dat vraagt om een integrale aanpak, waar domeinoverstijgend wordt overlegd en gewerkt. En precies dat is de Levensloopaanpak.

De doelgroep

“De Levensloopaanpak is er specifiek voor mensen met verward of onbegrepen gedrag, met een hoog veiligheidsrisico,” vertelt Elsa. Het is een groep die volgens haar in het huidige zorgstelsel tussen wal en schip valt. “Dat komt omdat geen enkele partij de zorg voor deze mensen alleen wil of kan dragen.” Anneke voegt eraan toe: “Als wij het hebben over de doelgroep, dan gaat het eigenlijk altijd over mensen die te maken hebben met psychische problematiek, verslaving en een licht verstandelijke beperking.”

In Nederland zijn er naar schatting 1500 mensen die binnen deze doelgroep vallen. Anneke: “Maar daarvan hebben we er tot nu toe slechts 700 in beeld. Ruim de helft daarvan woont of leeft op straat of dreigt snel dakloos te worden.” Een hele specifieke of sluitende omschrijving van de doelgroep is er niet. Maar vaak is wel duidelijk om wie het gaat. Marc: “Dit zijn mensen bij wie al van alles is geprobeerd, maar waar de problemen blijven bestaan. Een korte interventie heeft dan geen zin. Je moet lang betrokken blijven. Dat is wat we met elkaar doen met de Levensloopaanpak.”

Ontstaan

De wens om zo’n specifieke aanpak te ontwikkelen, ontstond na de moord op Els Borst. De politica werd in 2014 vermoord door iemand met verward gedrag. De dader was bij meerdere instanties bekend, maar verplaatste zich ook steeds door het land. Daardoor was er overal maar een stukje informatie beschikbaar. Marc: “We zien dat juist dat problemen oplevert. Als iedereen een beetje weet, overziet niemand het hele dossier. De kans bestaat dan dat mensen verkeerd worden ingeschat.”

Gesloten GGZ

Een aantal jaar geleden zouden deze mensen waarschijnlijk in een gesloten ggz instelling hebben gezeten. Nu leeft een groot deel van hen op straat of onder de radar. Elsa: “Er wordt weleens gezegd dat de afgelopen jaren ongeveer 6000 ggz-bedden zijn wegbezuinigd. Voor 4000 mensen was dat een goed idee. Die krijgen nu hulp en zorg die goed of zelfs beter past. Maar voor de mensen over wie wij het nu hebben, was dat geen goed idee. In de beweging van intramurale zorg naar zorg in de wijk zijn zij buiten de boot gevallen.”

Samenwerking

Het unieke van deze aanpak is de domeinoverstijgende samenwerking. Anneke: “Aan een casustafel komen alle betrokken partijen zoals politie, gemeente, ggz, woonvoorzieningen, zorgkantoor en openbaar ministerie bij elkaar, met hetzelfde doel voor ogen: iemands situatie stabiliseren en de juiste hulp bieden. Iedereen heeft een ander beeld van de persoon. We hebben het over een verdachte, patiënt, huurder, inwoner, deelnemer of cliënt. Die beelden brengen we aan de casustafel bij elkaar, zodat er een compleet beeld ontstaat. Onder regie van het Zorg- en Veiligheidshuis maken we met alle betrokken partners een goed plan voor deze persoon.”  

Elsa: “Dan begint de puzzel. Want veel organisaties willen deze mensen niet binnen hebben, omdat ze een groot risico vormen. Gelukkig heeft het Leger des Heils dat op verschillende plekken wel gedaan.” Marc: “Natuurlijk brengt het risico’s met zich mee als we deze mensen een plek bieden op onze locaties. Maar we kunnen niet toekijken terwijl deze mensen op straat leven.”

Dat er vervolgens samen verantwoordelijkheid gedragen wordt voor iemand, maakt voor de betrokken organisaties een groot verschil. Elsa: “Er komt bijvoorbeeld extra ondersteuning op de locatie of meer uren voor een-op-een begeleiding. En we stoppen pas als iedereen akkoord is of de situatie stabiel is. We laten niet een van de organisaties opeens alleen staan.”

Een voorbeeld

Een goed voorbeeld van de meerwaarde van de levensloopaanpak is een man die een tijdje terug vrij kwam uit de gevangenis. Anneke: “Deze man zat in de Levensloopaanpak en was dus bekend bij ons. Daarom wisten we dat hij vrij zou komen. Hij moest eigenlijk naar een woonzorgplek met expertise op lvb, maar die was nog lang niet beschikbaar. Daarom hebben we een tussenoplossing gezocht. Hij is opgehaald uit de gevangenis, naar een tijdelijke locatie gebracht, daar hebben we extra hulp en ondersteuning georganiseerd met het zorgkantoor en een vg-instelling tot hij binnenkort eindelijk naar de duurzame plek kan.” Elsa vult aan: “Dat klinkt als veel moeite voor een persoon, maar anders was hij op straat beland, met alle gevolgen en risico’s van dien.”

'We kunnen niet toekijken terwijl deze mensen op straat leven'

Uitdagingen

Als betrokken partijen samenwerken, is er veel mogelijk. Iedereen ziet dat het werkt, en problemen voorkomt. Toch is het nog niet altijd makkelijk om de samenwerking op gang te brengen. Elsa: “Ons zorgstelsel is niet ingericht op deze mensen. We hebben te maken met versplinterde financiering en wisselende verantwoordelijkheden. Organisaties staan niet te springen om verantwoordelijkheid te nemen.” Anneke voegt toe: “Daar komt bij dat er simpelweg te weinig geschikte plekken zijn voor deze mensen binnen beschermd wonen, beschermd wonen+ en alternatieve plekken zoals skaeve huse."

Wat er nodig is

Het is een vaak gehoord struikelblok in de zorg: voldoende financiële middelen. Ook bij de uitvoering van de Levensloopaanpak lopen de partijen hier tegenaan. Elsa: “We weten nog niet wat het beste werkt en moeten daarom kunnen experimenteren. Daarvoor hebben we meer financiële ruimte nodig, maar die ruimte is er niet.” Marc: “Een specifieke Levensloopindicatie met passende financiering zou heel fijn zijn. Nu moeten we steeds uit allerlei potjes de financiering voor elkaar krijgen. Dat is omslachtig en niet altijd toereikend.” De aanpak is per persoon misschien duurder dan een regulier traject, dat weegt niet op tegen de winst, volgens de partijen. Marc: “Je voorkomt heel veel politie-uren, tijdelijke zorgtrajecten die niet effectief blijken, een gevoel van onveiligheid in de wijk, en in het slechtste geval zelf mensenlevens die verloren gaan. Maar dat is winst die je niet in een kosten-batenanalyse terug ziet.”

Efficiency

Als er over deze aanpak wordt gepraat, moet in ieder geval een woord worden vermeden, volgens Elsa: efficiency. “Niets aan deze aanpak is efficiënt. Het is maatwerk. Intensief, vaak passen en meten, en je moet heel snel kunnen op- en afschalen als dat nodig is. Dat past niet in het kader zoals we dat nu kennen. Als daar meer ruimte voor komt, kunnen we verwarde mensen met een hoog veiligheidsrisico echt beter helpen.” Dat is fijner voor de mensen zelf maar ook voor de veiligheid van iedereen.

Gerelateerde artikelen: Onbegrepen gedrag