De Inspectie Justitie en Veiligheid heeft haar onderzoek naar het gebruik van algoritmes door de drie reclasseringsorganisaties, Reclassering Nederland, Stichting Verslavingsreclassering GGZ en het Leger des Heils Reclassering (hierna: de reclassering) afgerond. Het onderzoek geeft aanleiding voor diverse verbetermaatregelen en de reclassering heeft het gebruik van de OxRec gepauzeerd.
Bestuurder Jessica Westerik van Reclassering Nederland reageert namens de drie reclasseringsorganisaties op de bevindingen: “Wij voelen een grote verantwoordelijkheid in ons werk richting de maatschappij, slachtoffers en daders om bij te dragen aan een veiliger Nederland. Hier zetten wij ons dagelijks voor in. Het onderzoek van de Inspectie gaat over de algoritmische instrumenten die wij gebruiken. De conclusies en aanbevelingen zijn voor ons zowel confronterend als waardevol. Daarmee moeten we met elkaar aan de slag.”
Westerik: “Als reclassering staan wij voor het uitvoeren van objectieve risicotaxaties over de kans op recidive bij verdachten en daders. De conclusies van de Inspectie laten ons zien dat we ons nog beter moeten verhouden tot nieuwe kennis, beleid en regelgeving rondom algoritmes. Wij kunnen ons voorstellen dat de conclusies leiden tot twijfels over de kwaliteit van onze algoritmische risicotaxatie-instrumenten. Dit trekken wij ons zeer aan.”
Verbetermaatregelen en pauzering OxRec
De reclassering heeft het onderzoek van de Inspectie vanaf de start aangegrepen om te leren en verbeteren. Na de eerste bevindingen, werd duidelijk dat de reclassering een inhaalslag moest maken. De reclassering heeft op basis van de eerste bevindingen, maatregelen genomen om de algoritmische risicotaxatie-instrumenten te verbeteren.
Westerik: “Wij willen in ons werk instrumenten gebruiken die breed gedragen en goed onderbouwd zijn. Hoewel de uitkomst van de OxRec slechts een klein onderdeel is van onze risicotaxatie, hebben de drie reclasseringsorganisaties besloten om het gebruik ervan te pauzeren. Voorlopig gebruiken wij alleen de RISC (niet algoritmisch risicotaxatie-instrument) om een onderbouwd gestructureerd professioneel oordeel te geven. De spiegel van dit oordeel (de OxRec) wordt niet gebruikt totdat blijkt dat de OxRec wel weer op verantwoorde wijze ingezet kan worden.”
Mogelijk indirecte discriminatie en softwarefout
De reclassering dacht voldoende wetenschappelijke onderbouwing te hebben om de elementen buurt en inkomen wel te gebruiken. De bevindingen van de Inspectie hebben ons doen inzien dat we dit toch nader moeten onderzoeken. We willen er zeker van zijn dat deze elementen niet een indirect discriminerend effect hebben. De uitkomsten hiervan nemen we mee in de verbetermaatregelen.
Westerik: “Wij willen niet discrimineren en alleen onderscheid maken als dit aantoonbaar belangrijk is om de risico’s op delictgedrag in beeld te brengen. Nationaliteit of etniciteit worden uiteraard niet gebruikt bij ons. Wij staan voor rechtsgelijkheid en onbevooroordeeldheid.”
Ook constateerde de Inspectie een softwarefout. “Wij vinden het heel erg dat dit is gebeurd, zegt Westerik”. “We hebben de fout vorig jaar hersteld. Daarna hebben we uit laten zoeken wat de impact is geweest op de scores van de OxRec in individuele gevallen. Die blijkt gering te zijn. Het gaat hierbij echt om kleine aantallen en procentpunten. Dat neemt niet weg dat dit niet had mogen gebeuren.”
OxRec is een hulpmiddel
De aanbevelingen van de Inspectie gaan specifiek in op de OxRec. Reclasseren is mensenwerk. De OxRec is hierbij een hulpmiddel. De OxRec is een algoritmische risicotaxatie-instrument dat de reclassering gebruikt om de kans op recidive (van een referentiegroep) te spiegelen aan de uitkomst van een uitgebreide risicotaxatie die tot stand komt op basis van een gestructureerde vragenlijst en een (menselijk) professioneel oordeel. De risicotaxatie is een onderdeel van een totaal advies over een verdachte of dader. De Inspectie concludeert dat de reclassering het instrument OxRec niet op een verantwoorde wijze gebruikt.
Lange termijn: verbeteren van alle risicotaxatie-instrumenten
“Voor de langere termijn zijn wij gestart met een verbeterprogramma om al onze (ook niet algoritmische) risicotaxatie-instrumenten beter te gebruiken, te beheren, te onderhouden en te valideren. Daarin staan we als reclassering niet alleen en is samenwerking met het ministerie van Justitie en Veiligheid en een brede groep wetenschappers nodig,” aldus Jessica Westerik.
Vertrouwen in risicotaxatie-instrumenten
De drie reclasseringsorganisaties houden onverminderd vertrouwen in de toepassing van risicotaxatie-instrumenten. Ze zijn ondersteunend aan het reclasseringswerk en de professional, wiens expertise is gestoeld op kennis over de op- en afbouw van criminele carrières en wiens beslissingen worden genomen ondersteund door casuïstiekbesprekingen en met een ‘vierogen principe’.
Persvragen? Mail a.u.b. naar pers@reclassering.nl