Identiteit
Het Leger des Heils verlangt van werknemers dat zij een christelijke levensovertuiging hebben. Dat staat in alle vacatureteksten voor betaalde functies. Daarover krijgen we regelmatig vragen. Op deze pagina proberen we die vragen zorgvuldig en helder te beantwoorden.
‘Christelijk’ wil zeggen dat Jezus Christus bij ons centraal staat. Wij geloven dat God van mensen houdt. Dat Jezus Christus ons dat heeft laten zien door zijn leven, kruisdood en opstanding. Dat Hij als de Levende vandaag richting geeft aan ons bestaan. En dat wij door de kracht van Gods Geest die liefde mogen doorgeven. Dit is onze geloofsovertuiging. Wat we als Leger des Heils doen, is in de kern terug te leiden tot dat geloof. Het vormt de basis van onze missie en identiteit.
Dit geloof geeft kleur aan onze manier van spreken en hulpverlenen. Daarom willen we graag dat collega’s de christelijke geloofsovertuiging delen. Het versterkt ons in onze gezamenlijke missie en de manier waarop wij met elkaar werken.
Als je bij ons komt werken, vragen we dat het christelijk geloof ook voor jou in jouw persoonlijke leven van betekenis is. Het maakt niet uit of je een of andere vorm van protestants, rooms-katholiek of oosters-orthodox bent. Er is ruimte voor verschillende belevingen en accenten. De een heeft een sober geloof, de ander uitbundig. Voor sommigen is geloven vooral hands-on doen. Een ander is meer mystiek. Voor sommige christenen neemt Maria in hun geloofsleven een prominentere plek in dan voor andere. Hoe dan ook, vanuit al die verschillende achtergronden ben je van harte welkom. Wat we gemeenschappelijk hebben, is dat wij ons door de levende Jezus laten leiden. Verschillende achtergronden en accenten geven ruimte voor gesprek, verdieping en groei. Zo kun je op jouw manier bijdragen aan de missie.
Geloven is een zoektocht. Geloven en twijfelen gaan vaak hand in hand. We begrijpen dat je met veel vragen kunt zitten over geloven. We verwachten dus niet dat je alles zeker weet. De vraag is niet of je geestelijk of theologisch alles helder hebt. We hopen wel dat je het verlangen hebt om te groeien in het geloof in Jezus en dat je zijn voorbeeld wilt volgen in de praktijk van elke dag. We willen dat het Leger des Heils een plek is, waar medewerkers enthousiast zijn over hun geloof en maar ook mogen twijfelen, zoeken, ontdekken en groeien.
Het is fijn dat je die waarden met ons deelt. Jouw christelijke opvoeding heeft daar vast aan bijgedragen. Maar onder die waarden zit de geloofsovertuiging zoals hiervoor omschreven. Die overtuiging voedt die waarden, geeft ze kleur en maakt ze sterker. Daarom zoeken we collega’s die niet alleen de christelijke waarden, maar ook de christelijke geloofsovertuiging delen.
Dat blijkt in het gesprek dat we met jou als sollicitant hebben. Daarin gaat het ook over de vraag naar wat christelijk geloven voor jou betekent op dit moment in je leven. We hebben geen weegschaal waarmee we jouw geloof meten. Het liefst voeren we een open gesprek, waarin behalve jijzelf ook je gesprekspartner iets van zichzelf laat zien.
Hierboven schreven we dat ‘christelijk’ geloven voor ons betekent dat wij geloven dat God van mensen houdt. Dat Jezus Christus ons dat heeft laten zien door zijn leven, kruisdood en opstanding. Dat Hij als de Levende vandaag richting geeft aan ons bestaan. En dat wij door de kracht van Gods Geest die liefde mogen doorgeven.
Misschien gebruik je wel andere woorden daarvoor. Je hoeft het ook niet in alles met elkaar eens te zijn. Wel proberen we in gesprek te ontdekken in hoeverre jij daar iets van bij ons herkent en wij bij jou.
Of je lid bent van een kerk en hoe vaak je naar een kerkdienst gaat, is voor ons geen criterium om je wel of niet als werknemer aan te nemen. Het gaat om jouw eigen christelijke geloofsovertuiging. Overigens is het wel goed om te weten dat het Leger des Heils zelf zowel een hulpverleningsorganisatie als een kerk is, zowel in Nederland als wereldwijd.
In onze hulpverlening hebben we aandacht voor heel de mens. Aandacht voor zingeving en geloven hoort daarbij. Als Leger des Heils dringen we aan anderen niet op wat zij moeten geloven. We sluiten aan bij de geloofs- en zingevingsvragen van onze deelnemers. Als iemand belangstelling voor geloof heeft, gaan we over geloven in gesprek. We stimuleren dat medewerkers de ruimte nemen om vanuit hun eigen christelijke overtuiging met respect voor elkaar daarover in gesprek te gaan. Dat blijkt vaak wederzijds verrijkend te zijn.
Daarnaast worden er vieringen gehouden, zijn er bezinningsmomenten of staan we samen op een andere manier stil bij wat geloven betekent. We gaan ervanuit dat je daarbij betrokken zult zijn en daaraan met je eigen talenten een bijdrage zult leveren.
Onze hulpverlening is er voor iedereen. Hierin maken wij geen onderscheid op basis van religie, politieke gezindheid, ras, nationaliteit, genderoriëntatie of burgerlijke staat.
Geloven en twijfel horen bij elkaar. Als iemand twijfelt, kan die nog wel met christelijk geloven bezig zijn. Het kan gebeuren dat iemand met een zogenoemd ‘sterk’ geloof de organisatie binnenkomt en dat door allerlei omstandigheden het christelijk geloof wat verder weg komt te staan. Dat is geen reden voor ontslag. Wel hopen we dat je daarover in gesprek blijft met je collega’s en je leidinggevende. We stimuleren leidinggevenden om hierin een open en actieve rol te nemen. Leidinggevenden hebben bij ons in de organisatie namelijk een verantwoordelijkheid ook als het om geloofsbeleving gaat. In sommige gevallen voelt iemand zich uiteindelijk niet meer thuis bij het Leger des Heils en gaat die collega op zoek naar ander werk.
De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat dit voorkomt. Dat kan allerlei oorzaken hebben. Hiervoor noemden we al dat mensen onderweg het geloof kwijt kunnen raken. Ook worden bij overname van een andere organisatie medewerkers overgenomen. Aan hen is bij indiensttreding van die andere organisatie nooit de vraag naar een christelijke geloofsovertuiging gesteld. Voor weer anderen geldt, dat zij bij aanvang duidelijk het verlangen hadden om te groeien in hun geloof en dat dit helaas toch is uitgedoofd.
Zo is het leven. We willen niet dat er sprake is van eerste- en tweederangs medewerkers. Iedereen die in dienst is, hoort erbij. Maar het betekent niet dat we de christelijke identiteit loslaten. Een christelijke levensovertuiging blijft norm en uitgangspunt. Het gesprek met alle collega’s over christelijk geloven zal steeds weer worden gevoerd en gestimuleerd. Bij sollicitaties blijven we deze vraag stellen, consequent en in de hele organisatie. Zo blijven we bevorderen dat het Leger des Heils een organisatie van mensen is voor wie christelijk geloven een bron van vreugde en inspiratie is.
Iedereen levert op zijn of haar eigen plek een bijdrage aan onze missie. De vraag naar een christelijke geloofsovertuiging stellen we dan ook altijd en voor alle functies, dus ook voor medewerkers in de ondersteunende diensten. Al onze collega’s zijn aanspreekbaar op onze gedeelde geloofsovertuiging.
Het christelijk geloof biedt mooie handvatten om op een respectvolle en integere manier met elkaar om te gaan. Maar christenen zijn ook gewoon mensen met fouten en gebreken. Zoals dat geldt voor ons allemaal, binnen welke godsdienst of levensovertuiging dan ook. Dus nee, christenen zijn geen betere mensen dan anderen.
Als we andere mensen helpen, doen we dat als Leger des Heils zonder onderscheid te maken. We helpen iemand ongeacht zijn achtergrond of religie. Als we mensen als werknemer aannemen, maken we geen onderscheid op grond van politieke gezindheid, ras, genderidentiteit, nationaliteit of burgerlijke staat. Op het punt van godsdienst en levensovertuiging beroepen we ons op de uitzonderingsregel. In de Algemene Wet Gelijke Behandeling (AWGB) is bepaald, dat er op grond van godsdienst en levensovertuiging onderscheid mag worden gemaakt, als dit onderscheid wezenlijk, legitiem en gerechtvaardigd is voor het werk van de organisatie. Als het nodig is, toetst het College van de Rechten van de Mens of een organisatie terecht een beroep doet op deze uitzonderingsregel. Het Leger des Heils is op dit punt een paar keer gedaagd geweest en daarbij telkens in het gelijk gesteld.
Die vraag wordt regelmatig gesteld, zowel door collega’s als sollicitanten. Want het kan betekenen dat het lastiger is om de juiste mensen te vinden. Anderen noemen het ‘niet meer van deze tijd’. Toch blijven we vasthouden aan dat verlangen naar een christelijke levensovertuiging van onze medewerkers. Want het Leger des Heils doet zijn werk op zijn manier, doordat het werkt vanuit die gedeelde geloofsovertuiging. Juist daardoor zijn wij Leger des Heils en pakken we de zaken aan op de manier waarop we dat doen. Dat is wezenlijk voor ons. Onze identiteit is daarom niet onderhandelbaar.
Als je lid wordt van het Leger des Heils, of een arbeids- of stageovereenkomst aangaat, word je onderdeel van de organisatie. Leden en werknemers zijn de dragers van de identiteit. Vrijwilligers en PNIL zien we als mensen van goede wil, die vanuit de samenleving hun bijdrage leveren aan het werk van de organisatie. Dat stellen we buitengewoon op prijs. We geven graag ruimte aan mensen die vanuit hun eigen motivatie goed willen doen. We begrijpen dat het kan schuren dat we van mensen die in dienst zijn wel een christelijke levensovertuiging verlangen en dat we van mensen die niet in dienst zijn dat niet verlangen. Tegelijkertijd kan dit ook leiden tot waardevolle ontmoetingen en contacten. We vertellen immers wel aan vrijwilligers en PNIL waar we als Leger des Heils voor staan en vragen hun om onze identiteit te respecteren.