‘Wat willen jullie weten? Ik heb niks bijzonders beleefd.’, zo begint mevrouw Bakker haar verhaal. ‘Ik ben geboren in 1920 en ben enig kind. Mijn moeder wilde wel meer kinderen, maar ja, dat heb je niet altijd voor het zeggen. Ik heb een goede jeugd gehad. Mijn vader zat veel op zee en mijn moeder werkte hard. Ondanks dat ik enigst kind was ben ik niet verwend.’ 

‘40 – ‘45 was één brok ellende
‘Twee weken terug ben ik 99 geworden. Ja, niet zonder slag of stoot hoor! Zo heb ik in mijn jeugd de oorlog meegemaakt. Eén brok ellende was dat, zeker in Rotterdam. Ik ben een Rotterdammer, dus heb de bombardementen ook meegemaakt. Eten was er weinig en daarom moest ik, op mijn fietsje, helemaal naar Gelderland om eten te halen voor mij en mijn ouders. Achteraf gezien onvoorstelbaar, maar dat had je over voor je ouders. Dat heb ik ook allemaal moeten beleven, maar daar ben ik niet de enige in hoor. Dat hebben alle mensen van mijn leeftijd moeten meemaken.’ 

                                       'Kijk nou is het weg, eventjes!' 


Ga maar een dienstje zoeken
‘Ik heb op de MURO (meer uitgebreid lager onderwijs) gezeten en…’, mevrouw Bakker is even stil. ‘Kijk nou is het weg, eventjes. Dan blijft het hangen en zit ik er doorheen te praten voor mezelf en dan is het weg. Ik weet niet meer wat ik wilde zeggen. Ohja… het MURO. Ja ik heb mijn diploma gehaald, dat was al heel wat voor mij. Mijn moeder wilde dat ik ging doorleren, maar dat wilde ik niet. Op een gegeven moment zei ze: ‘En nu is het uit, nu ga je maar een dienstje zoeken’, dat betekende dat je aan de slag moest als huishoudster bij een andere familie en dat was werken geblazen. Gelukkig waren deze mensen goed voor mij, maar ik heb het geweten… wat een straf. Stomme idioot dat je bent om niet verder te gaan leren dacht ik bij mezelf. Toen zeg ik dat niet, maar het was een zegen dat mijn ouders een opleiding konden betalen.’  

Kijk daar staan ze! 
Mijn man heb ik leren kennen toen we beide bij familie van mij over de vloer waren. Hij werkte jarenlang voor een scheepswerffabriek in Rotterdam, daar was hij de baas. Dat leverde een goede boterham op. Eerst voor ons tweeën maar al snel kwam er een kindje bij. Ik heb één dochter. Ik ben trots op haar en op wat ze allemaal heeft bereikt. Ik heb ook achterkleinkinderen. Kijk daar staan ze.’. Mevrouw Bakker wijst trots naar een tafeltje waarop een foto staat van twee jongetjes. ‘Mooi hoor om mee te maken hoe zij opgroeien.’ 

                                   'Ik vind er niets aan, ik wil naar boven' 


Het is er nog wel, maar het is bewoond
De kamer van mevrouw Bakker staat naast foto’s en schilderijen vol met bloemen. ‘Ja, ik ben 99 geworden en toen kreeg ik chrysanten. Ze staan er nu een beetje treurig bij, maar ik ben hier afhankelijk. Ik wil wel weg, maar ik weet niet waar naartoe. Ik wil ook geen beroep op mijn dochter doen. Ik wil naar mijn eigen huis waar ik gewoond heb. Het is er nog wel, maar het is bewoond door andere mensen. Dus dat kan niet.’ 

Ik wou dat ik naar boven kon
‘De mensen die hier wonen zijn allemaal vrienden van mij, maar ik hoef niet zoveel van ze hoor. Gister werd ik gevraagd om een concert, beneden in de gemeenschappelijke ruimte bij te wonen. Toen ik ongeveer drie nummers had gehoord dacht ik bij mezelf: ‘Ik vind er niets aan, ik wil graag naar boven.’ Maar dan ben je te beleefd om uit het clubje te lopen. De één vond het wel mooi, de ander bleef ook uit netheid zitten.'

'Het klinkt misschien heel gek, maar dat ik bij mijn man begraven word is mijn laatste wens. Dat is het enige wat ik nog wil. De familie en mijn vriendenkring is ook uitgedund. Mijn 99 jaar haalt bijna niemand. 99… het is te gek voor woorden. Er is er geen één die mijn leeftijd heeft gehaald. En ik beleef dit…' 

>> Meer informatie over woonzorgcentrum Merenhoef
>> Bekijk hier de vacatures