39 kilo
Nono bood haar een lift aan naar de plek waar ze verbleef. Toen ze er bijna waren, dook ze angstig weg. ‘Ze zei dat daar mensen waren die haar mishandelden. Ik heb haar mijn nummer gegeven en na enkele dagen belde ze me en vroeg ze me om snel te komen. Ik ging ernaartoe en daar zat een man bij haar met een mes. Hij schrok dat ik binnen kwam en Christine ook. Ze dacht dat ik niet zou komen. Ik zag dat ze niet veilig was, dus heb ik haar meegenomen’.Christine was vel over been. Ze woog nog maar 39 kilo, was ernstig verwaarloosd en bezat, naast de kleren die ze aan- had, alleen een extra broek en kapotte schoenen.

Gesloten inrichting
Samen met Christine en haar casemanager ging Nono naar de psychiater. ‘Ze smeekte me mee te gaan, dus dat deed ik. Christines ouders hadden toestemming gegeven haar op te laten nemen in een gesloten inrichting. Ik vroeg hem of er geen andere optie was. Gelukkig was er ook plek in hostel Hirundo. Ik was gelijk blij.’ Christine vond het in de eerste instantie niet leuk. ‘Ik vertrouwde Nono, kon niet meer naar mijn ouders gaan en niemand hielp me ooit. Ik was bang dat ik hem ook kwijt zou raken.’ Nono besloot Christine in huis te nemen tot er een plekje in Hirundo vrijkwam. Hij zorgde ervoor dat ze een nieuw gebit kreeg en nam haar mee naar de kapper. ‘Ik gunde het haar zo dat ze zich weer normaal zou voelen’.

Eigen mening
Op een dag kwam er nieuws van het hostel. Er was een plekje vrijgekomen. Maar Christine wilde niet meer weg bij Nono. Hij zag de paniek in haar ogen, maar besloot haar toch weg te brengen. ‘Zo vaak als ik kon zocht ik haar op. In het begin ging het moeizaam. Ze sloopte d’r hele kamer en had ruzie met medebewoners. Ze probeerde mensen te leren kennen, maar die maakten misbruik van haar. Ze werd uitgebuit omdat ze toch niet zichzelf durfde te zijn. Ze vroeg op een keer aan mij: “No, mag ik een eigen mening hebben?” Toen zei ik: Je móét een eigen mening hebben. Want als je geen eigen mening hebt, dan blijf je in deze situatie hangen. Ik heb haar dit echt moeten leren. Ze heeft het nu aardig onder de knie.’

Beste maatje
Christine: ‘Het heeft lang geduurd voordat ik mijn plekje had gevonden. Ik ben nu heel blij dat ik in het hostel woon. Ik heb een eigen bed, een eigen kast en niemand stoort me wanneer ik slaap. Ik ben blij dat het zo is gelopen. Nono is mijn beste maatje, hij is alles voor mij. Laatst zei ik tegen iemand: de oude Christine is dood, ik ben de nieuwe Christine. Dat werd niet geaccepteerd. Nou, dan hebben ze mooi pech.’

Christine woont bij Domus Hirundo. Haar verhaal verscheen in het jubileumboek '10 jaar Hirundo'.