Marlies (53) werkt met een onderbreking inmiddels ruim achttien jaar in Merenhoef. “Toen ik in september 2016 terugkwam zei de manager ‘Welkom thuis’. Ik was ook zó blij dat ik terug was. Bij Merenhoef hoor je er als medewerker gelijk bij. Het maakt niet uit hoe je eruit ziet of wat dan ook, iedereen hoort erbij. We hebben het als team goed met elkaar. Je kunt hier lachen en huilen. Natuurlijk word je ook wel eens in het diepe gegooid. Maar je helpt elkaar. Ik ben echt trots op Merenhoef en op de sfeer die we hebben.”  

Speldje
Als 4-jarige wist Marlies al dat ze zuster wilde worden, net als haar tante. Met trots draagt ze nu al bijna dertig jaar het ziekenverzorgende speldje sinds 27 mei 1991. “Ik heb iets met cijfers. Ik weet nog alle kamernummers van bewoners die overleden zijn en van de dames hun meisjesnaam.” Tijdens de opleiding voor verzorgende nam ze een kijkje in de kraamzorg, maar door een stage in een verpleeghuis wist ze heel zeker dat ze met ouderen wilde werken. “De opleiding was best pittig. Ik ben meer een doener, dan een studeerder. Laat mij maar op de werkvloer iemand verzorgen, dat vind ik leuk. Van kijken leer je ook.” Het lukte haar toch de studie af te ronden. Waarom ze ouderen zo leuk vindt? “Ik houd van die oude koppies, die rimpeltjes. Het zijn net geschiedenisboeken. Een aantal mensen die er nu zijn, hebben de oorlog nog meegemaakt. Ze zijn zo sterk, daar snap je niets van. Ik heb heus wel eens genoeg van het billen wassen, maar als je mensen dan weer schoon aan tafel ziet zitten, dan geeft dat zoveel voldoening. Als je geholpen hebt en iemand zegt ‘wat gezellig dat je er was’, daar doe ik het voor. Je kunt dit werk ook niet doen, als je niet van mensen houdt. Ik ben ook wel eens streng. Dan zeg ik het tegen bewoners als ze de hele tijd over hun pijntjes praten. Daarom is het ook belangrijk dat ze afleiding hebben door bijvoorbeeld naar beneden te gaan, dan voel je de pijn minder.”  

Afscheid
“In al die jaren heb ik van heel veel mensen afscheid moeten nemen. Elke keer weer mensen verliezen, dat went nooit. We bellen elkaar ook wel als het niet goed gaat. Als mensen slecht liggen en vechten om te sterven, dan bid ik ook wel stilletjes voor ze. Mijn geloof hoort echt bij mijn motivatie. Zoals Jezus in de Bijbel zegt: ‘Wat je voor een ander doet, dat doe je voor mij.”

>> Meer informatie over woonzorgcentrum Merenhoef