‘Eigenlijk had ik niet geboren moeten worden’, zegt Babette de Vries (19). ‘M’n zus kwam ter wereld en ineens was daar nog een baby.’ Drie maanden later liet haar biologische vader zijn gezin in de steek. Eigenlijk wil ze hem niet eens haar vader noemen, want die eer verdient hij niet. Ze is niet boos op hem, maar wel teleurgesteld. En dat is veel erger, vindt ze. Ze heeft hem uit haar leven gebannen. 
Al snel na zijn vertrek diende de eerste van een serie stiefvaders zich aan. Mensen in haar omgeving deden onuitsprekelijke dingen met haar en mishandeling was aan de orde van de dag. Ze ontwikkelde een hechtingsstoornis en ADHD en was onhandelbaar. Omdat het thuis zo naar was, liep ze regelmatig weg om in haar pyjama te slapen in rioolbuizen. Uiteindelijk greep haar oma in. Babette werd op haar zesde uit huis geplaatst. 

'Ik had totaal geen gevoel'
Jarenlang verbleef ze op de ene groep na de andere. Op haar zevende rookte ze haar eerste sigaret en al voor haar tiende kwamen daar soft drugs bij. Drie keer zat ze in detentie. Tussendoor verbleef ze steeds periodes thuis, ‘als een hond die naar z’n eigen braaksel terugkeert’, maar dat liep steeds fout. Er was in die tijd niemand die zag hoe slecht het met haar ging, hoe ze zich van alles en iedereen afkeerde. ‘Mijn beste vriend was cocaïne’, zegt ze daarover. ‘Ik had het gevoel dat iedereen mij haatte. Maar ik wás ook echt erg. Ik stal scooters, heb mensen in elkaar geslagen en het deed me allemaal niets. Ik had totaal geen gevoel. Niemand had iets door want ik was heel goed in manipuleren.’

Open kaart spelen of niet? 
Het keerpunt kwam na een tijdje op een behandelgroep van het Leger des Heils. Begeleider Lotte liet haar dossier dicht en zei alleen maar: ‘Wie ben jij en wil je me zelf je verhaal vertellen?’ Die vraag kwam bij Babette binnen. In Lotte vond ze iemand die oprecht geïnteresseerd was in haar verhaal. Zou ze open kaart spelen over wat het oordeel van andere mensen met haar deed? Het duurde lang, maar uiteindelijk durfde ze het verhaal van haar verleden te vertellen. Wat er écht gebeurd was. Daarna kwamen de emoties. Verdriet en ook spijt. Over dingen die ze vroeger heeft gedaan. ‘Dat ik nu gevoelens heb, is soms best kut, maar het is wel beter. Als je geen emoties hebt, laat je geen mensen toe in je leven. Dus je voelt je heel alleen, ook al heb je honderdduizend kennissen. Dat is echt naar hoor, je leeft in een zwart gat.’

                               'Ik had het gevoel dat iedereen me haatte' 


Heel tevreden over mezelf

Op haar achttiende dacht ze: nu ga ik aan de toekomst werken. Momenteel volgt ze een opleiding voor verzorgende en is ze op zoek naar woonruimte. 
‘Over hoe ik nu ben, daar ben ik heel tevreden over. Mijn gedrag is echt veranderd, dat zei mijn moeder laatst ook. Vroeger liep het na drie maanden altijd spaak, maar nu praat ik over dingen die me niet bevallen. En dat heb ik aan Lotte te danken. Zij neemt me serieus. Zegt gewoon: “Praat er maar over als je het zélf wilt.” Ze geeft me de keus en dat heeft me heel erg veranderd. Zo kan het dus ook. Verwerken zal ik wat er gebeurd is nooit, want sommige dingen zijn niet te verwerken. Maar ik richt me op de toekomst en ga daar iets van maken. Volgend jaar neem ik een tussenjaar om mijn rijbewijs te halen en daarna ga ik voor pedagogisch medewerker studeren. Ik wil later kinderen helpen. Vanuit ervaring, niet vanuit een boekje.’

Nu ga ik gewoon leven
‘Wat mij in mijn jeugd geholpen zou hebben, is dat is dat ik niet geboren zou zijn. De mensen in mijn jeugd waren er niet echt voor mij. En ook de aandacht van veel hulpverleners was nep. Daar kun je een kind nog erger mee verpesten dan dat je er gewoon niet bent. Ik heb dat eerst jarenlang geaccepteerd, daarna ben ik een periode doorgeflipt en nu ga ik gewoon leven.’

>> Meer informatie over de behandelgroepen
>> Bekijk hier de vacatures