De 56-jarige Geert werkt al 17 jaar met veel liefde en passie voor de reclassering van het Leger des Heils in Heerlen. Met zoveel jaren ervaring weet Geert als geen ander hoe te veel hulpverleners op een zaak er juist voor kunnen zorgen dat de boel escaleert. Hoe zit dat? Geert vertelt ons meer.  

‘’Zeg maar wat je eerst wilt: babbelen of papieren tekenen.’’ Met die vraag begint Geert een eerste gesprek met een nieuwe cliënt. Hij licht toe: ‘’De meesten willen eerst de babbel, papieren komen wel tijdens de tweede of derde ontmoeting. Zo is het ijs snel gebroken.’’

Druk
‘’Corona of niet, ik ben drukker dan ooit. Dat komt denk ik doordat Veiligheidshuizen, gemeentes en rechtbanken het gevoel krijgen dat zij minder zicht hebben op cliënten. Door de reclassering in te schakelen houden ze de cliënt toch in het oog. En dat is hard nodig. Bijna al mijn cliënten zijn dak- of thuisloos, verslaafd aan middelen en kampen met psychiatrische klachten. Ook heb ik toezicht op mensen die verwikkeld zijn in heftige vechtscheidingen en waarbij soms sprake is van eerwraak.’’

'In de ruimte zaten maar liefst 16 hulpverleners op hem te wachten'

  

Nuchter blijven
Geert herinnert zich nog goed hoe hij ingreep tijdens een gesprek tussen hulpverleners en een vader die zijn kind, vanwege zijn agressieproblemen, niet meer mocht zien. ‘’De man, die bij mij onder reclasseringstoezicht viel, stapte nietsvermoedend binnen in een kleine ruimte, waar maar liefst 16 hulpverleners op hem zaten te wachten. Die arme man schrok zich een hoedje. Mijn opdracht als reclasseringswerker is tweeledig: controle en hulp en steun. In dit geval heb ik mijn cliënt dit laatste gegeven en greep ik in om hem te steunen. Het overleg werd opgeschort en er is een nieuwe afspraak gemaakt, waarbij slechts vier hulpverleners aanwezig waren. Ik denk dat we vooral nuchter moeten blijven. De boel opblazen door met zoveel hulpverleners op één cliënt te gaan zitten, kan de boel juist verergeren. Onbedoeld weliswaar, maar toch. Benader cliënten gewoon zoals je zelf benaderd wilt worden.’’  

Passie voor mensen
Typerend aan Geerts werkwijze is dat hij er niet voor terugdeinst voor alternatieve oplossingen. ‘’Ik heb ooit een man onder toezicht gehad die al jaren dakloos was. Hij zat op dat moment in de PI* en ik wilde een uitkering voor hem aanvragen. Wat bleek: deze man had geen BSN. Ik heb stad en land afgebeld om zo’n nummer voor hem te bemachtigen. Uiteindelijk kreeg hij een gloednieuw nummer. Hij bestond weer, zou je kunnen zeggen.’’  

‘’De man heeft in totaal wel 10 jaar bij mij onder toezicht gestaan, steeds voor andere vergrijpen. Nu is hij schuldenvrij, getrouwd en bellen we elkaar op verjaardagen. Ik zie hem, maar ook mijn andere toezichten, niet alleen als een casus, maar in eerste instantie als een persoon.      

Willens en wetens
Geert zit tijdens zijn werk tegenover mensen die (delicten) gepleegd hebben. ‘’Ik weet uiteraard van het delict, maar de rechter veroordeeld. Tijdens mijn werk zoek ik naar de nuance en neem ik de omstandigheden waaronder iemand een vergrijp pleegde mee. Ik kan je vertellen dat er dan weinig mensen overblijven die willens en wetens in de fout zijn gegaan. Slechts enkele van mijn voormalig cliënten hoef ik echt niet in het donker tegen te komen. Daar zou ik wel bang van worden.’’  

*PI: Penitentiaire Inrichting