Korpsgeschiedenis

Grepen uit de geschiedenis

Eerste poging
In 1895 is een eerste poging gedaan een afdeling te stichten van het Leger des Heils in Hoogeveen. Zondag 1 maart 1896 werd de afdeling Hoogeveen officieel een korps (dat is de naam die binnen het Leger gebruikt wordt voor een lokale kerkelijke gemeente). Op die dag werd de Legervlag ontplooid en aan het korps overhandigd: een wijdingsritueel binnen het Leger des Heils dat min of meer de status van het korps bezegelt. De vlag met de kleuren blauw, rood en geel is het symbool voor de drie theologische uitgangspunten van het Leger des Heils. Het blauw staat voor de reinheid Gods, het rood voor het verlossende bloed van Christus en het geel voor de kracht van de Heilige Geest. Met de vlag in het midden kan de strijd voor God en mensen beginnen!

Aanvankelijk was er best de nodige belangstelling, maar waarschijnlijk was Hoogeveen nog niet klaar voor het Leger. Na een niet al te lange periode werden de activiteiten van het Leger des Heils in Hoogeveen gestaakt. De aanwas van nieuwe leden (heilssoldaten) was te klein om als korps levensvatbaar te zijn.

Korps Hoogeveen

In de jaren dertig stak er een nieuwe religieuze wind op in met name Hollandscheveld en omstreken. Het waren de Maranatha-conferentie (Holl'veld december 1930) en de daaropvolgende opwekkingsbeweging van Albert Otten (Elim) die de tijd rijp achtten voor een nieuwe religieuze wind in deze omgeving.

Om die nieuw religieuze wind ook door Hoogeveen te doen waaien, werd het Leger des Heils benaderd. Het Leger des Heils zou tegemoet kunnen komen aan de wens van een deel van de gelovigen om hun geloofsleven met nieuwe indrukken te verrijken, terwijl de ‘schade’ voor de bestaande kerken beperkt zou blijven, schrijft theoloog en historicus Albert Metselaar. Al met al was Hoogeveen verdeeld, toen in 1931 de motorboot Febe richting Hoogeveen vertrok, om als steunpunt te dienen van de goed voorbereide evangelisatiecampagne van het Leger des Heils. De motorboot Febe kwam 1 oktober 1931 te Hoogeveen aan en meerde af in het zogenaamde Griendtsveengat. De gemeente Hoogeveen gaf schoorvoetend een vergunning voor de samenkomsten. Zowel de gemeente als de plaatselijke kerken gaven de kapiteins Deurloo en Klashorst de raad maar zo gauw mogelijk weer uit Hoogeveen te vertrekken. Daarmee is de officiële houding duidelijk getypeerd, voor zover het de gemeente en de kerken betreft. Er kwamen die eerste avond 94 mensen op de samenkomst af. Kapitein Deurloo sprak over de blinde Bartimeus. De samenkomsten werden gehouden in een grote tent, op het terrein van de latere Boerenleenbank, aan de Van Echtenstraat. Veertien dagen later vertrok de Febe. Het werk van het Leger des Heils ging door. De basis van het latere korps was gelegd. De tent aan de Van Echtenstraat werd de geboorteplaats. 10 mei 1932 werd de post (de Hoogeveense heilssoldaten vormden nog maar een post onder supervisie van de Febe) tot een ‘echt’ korps verheven, onder leiding van kapitein Deurloo. Het Leger des Heils had, tegen alle achterdocht en vooroordelen in, zoveel mensen weten te boeien, dat deze hernieuwde start uiterst hoopgevend was.

Door de jaren heen heeft het Leger veel zogenaamd ‘veldwerk’ verricht. Vele openlucht- en tentsamenkomsten werden er in Hoogeveen en omstreken gehouden, ondersteund door de brassband en de ‘zangbrigade’ (zangkoor) van het Leger. Velen hebben er hun geestelijk thuis gevonden, anderen hebben hun geestelijk thuis ‘hervonden’ en zijn met hernieuwde energie hun ‘eigen kerk’ gaan bezoeken. Daarmee bewees het Leger des Heils een kerkvriendelijk alternatief te zijn voor de andere openluchtsamenkomsten uit die tijd, die veeleer de mensen uit de bestaande kerken deed gaan.

Na verloop van tijd werd de tent verruild voor een eigen gebouw, een zogenaamde ‘korpszaal’. Hier werden de samenkomsten (kerkdiensten) gehouden en vonden de overige korpsactiviteiten plaats. Het Hoogeveense korps heeft in de loop van de geschiedenis op verschillende locaties haar gebouw gehad, zoals aan de Hoofdstraat, Alteveerstraat en Schutstraat.

Sinds midden jaren zestig is de ‘korpszaal’ van het Leger gevestigd aan de Reviusweg 5 te Hoogeveen. Vandaag de dag telt het Leger in Hoogeveen zo'n kleine 60 heilssoldaten (belijdende leden), zo'n kleine 10 adherenten en vele tientallen regelmatige bezoekers en vrijwilligers. Daarmee is het Leger des Heils korps Hoogeveen één van de kleinere kerkgenootschappen in Hoogeveen, maar zeker niet de minst actieve!

Klik hier voor foto's.