‘Steek je vlerken uit en doe iets’

12-05-2015

Ongeveer honderd mensen kwamen op 12 mei, ter gelegenheid van de Dag van de Zorg, bijeen voor het mini-symposium ‘Zorg Anders’. Zorgmedewerkers konden elkaar ontmoeten en luisteren naar inspirerende sprekers. De veranderingen in de zorg stonden centraal.

Commisisoner Marja van Vliet sprak, in 50|50 Hotel Belmont, als eerste over de veranderingen in de zorg. ‘Het lukt ons als Leger des Heils gelukkig ons aan te passen en er toch steeds te zijn voor de meest kwetsbare mensen.’ Emma Tillema, heilssoldaat en werkzaam in het Sophia kinderziekenhuis in Rotterdam. Op de vraag hoe ze gemotiveerd blijft: ‘Blijf positief! Steek je vlerken uit en doe iets!’

Ivan Wolffers, arts, hoogleraar, antropoloog en patiënt, vertelde openhartig over zijn eigen ziekte en ervaringen met artsen. ‘Artsen en patiënten hebben altijd een relatie met elkaar. Tegenwoordig wordt dat wel eens een doctor-patiënt partnership genoemd, nooit een patiënt-doctor partnership. Het is kennelijk heel erg moeilijk om je goed in de ander in te leven. De tijd die daarvoor nodig is staat onder druk. De calamiteit van de ziekte mag de manier van zorg niet dicteren. Je staat zelf aan het roer van je leven, van je lichaam.

Voltooid leven

Cornel Vader, directeur van de Stichting Leger des Heils Welzijns- en Gezondheidszorg kwam als laatste spreker aan bod. Hij haalde het onderzoek aan over het eufemisme ‘voltooid leven’. Vader: ‘Wat wij hier al lang weten is dat het niet gaat om ‘voltooid’, maar om een besef van zinloosheid, van ballast, van ‘er niet toe doen’. Dat is vaak wat onze deelnemers ook ervaren. Iemand zei: Als ik het gevoel heb niets te kunnen betekenen, dan is het net of ik nog steeds mijn hand moet ophouden. Ik tel niet mee.’

Tijden het symposium schreven alle deelnemers op wat hen bezighoudt in de zorg. De visjes bevatten uitspraken met zorg, uitspraken van hoop en uitspraken met een bemoediging. Zoals: ‘Eerder hadden we 100 regels; na de transitie zijn er wel duizend.’ En: ‘Het gaat om echte aandacht, persoonlijke betrokkenheid en menswaardigheid.’