Noodteam Leger des Heils zet hulp aan Syrische vluchtelingen in Jordanië in gang

28-10-2013

Een internationaal noodteam van het Leger des Heils is sinds een aantal weken in Jordanië om hulpverlening aan Syrische vluchtelingen op te starten. Volgens de (Nederlandse) teamleider, majoor Henk van Hattem, is de schaal van het vluchtelingenprobleem enorm en zijn de omstandigheden schrijnend.

“Wij zijn kwartiermakers”, laat Henk van Hattem vanuit zijn kantoor in de Jordaanse hoofdstad Amman weten. “De echte hulp moet nog op gang komen. Op dit moment onderhandelen wij met plaatselijke leveranciers en kijken of we op structurele basis contracten met hen kunnen sluiten voor de levering van hulpgoederen. We hebben net een eerste hulpproject rond waarbij we dankzij een aantal plaatselijke leveranciers en een Jordaanse liefdadigheidsorganisatie een eerste zending hulpgoederen konden verdelen. Daarbij moet je denken aan gaskachels, gasflessen, kleding en persoonlijke verzorgingsproducten.“

Het Leger des Heils deelt het kantoor in Amman met samenwerkingspartner Lutheran World Federation (LWF). Een organisatie die vanuit de Lutherse kerk noodhulp verleent en actief is in 30 landen. “Samen kunnen we meer bereiken. De LWF heeft zijn netwerk, wij het onze.”

Het noodteam van het Leger des Heils is net terug uit Mafraq. De noordelijke provincie aan de grens met Syrië. “We hebben daar een vluchtelingenkamp bezocht waar op dit moment 130.000 mensen worden opgevangen in omstandigheden waar je je soms geen voorstelling van kunt maken. En dat is nog maar een relatief klein deel van de vluchtelingen.

De rest (ruim 300.000) zit verspreid over heel Jordanië. In garages, in huizen en in ruimtes die je misschien net ‘hokken’ zou kunnen noemen. Ze zitten er vaak met grote gezinnen en betalen er de hoofdprijs voor. Eén van de gezinnen die we hebben ontmoet, woont met vier kinderen - een vijfde is op komst - in een kale ruimte. Ze betalen er 100 Jordaanse Dinar (€103,20) per maand voor. Een enorm bedrag voor dit gezin.”

De vluchtelingenstroom uit Syrië krijgt voor gastland Syrië inmiddels een vervelend bij – effect, zegt Henk. “Er ontstaat een steeds groter tekort aan voedsel, woonruimte maar ook aan bijvoorbeeld brandstof. Daardoor stijgen de prijzen steeds verder en komen niet alleen vluchtelingen, maar ook de Jordaniërs zelf in de problemen. Er zijn steeds meer gezinnen die hun hoofd financieel bijna niet meer boven water kunnen houden.”

Omdat meteorologen een strenge winter verwachten, zetten het Leger en de LWF een winterproject op. “Bij streng moet je denken aan temperaturen rond de 15 graden. Dat is koud, als je temperaturen rond de 40 (en op sommige plekken zelfs 45 of 50) gewend bent. Zeker als je in niet – geïsoleerde, onverwarmde ruimten, vaak zonder meubels, beddengoed of tapijten moet wonen.Zoals een familie die we in Al-Mafraq (de hoofdstad van de provincie Mafraq) ontmoetten. Zij wonen met veertien personen in een afbraakpand. De gaten in de muren worden afgedekt met tapijten en gordijnen.. Het toilet is met een gordijn afgescheiden van de woonruimte. Zo zijn in ze staat nog iets  van waardigheid op te houden in deze mensonterende situatie.Het jongste lid van de familie, een jongen van een jaar of acht , verloor beide ouders in het Syrische conflict. Hij moet eigenlijk naar school, maar daarvoor is geen mogelijkheid. Hij brengt nu zijn tijd noodgedwongen door bij zijn grootouders.

'Toch zijn er ook hoopvolle ontwikkelingen, zegt Henk. “Op veel plaatsen zetten Jordaanse scholen hun deuren open voor de kinderen van Syrische vluchtelingen. De cultuurverschillen tussen de beide landen zijn niet zo groot, zodat het samenleven en het samen naar school gaan voor weinig problemen zal zorgen.”

Het Internationaal Hoofdkwartier van het Leger des Heils in Londen heeft zijn hoofdkwartieren in Europese landen opgeroepen om bij te dragen aan het winterproject. Nederland heeft inmiddels $ 25.000,- overgemaakt.

Het Leger des Heils blijft de komende tijd volop actief in Jordanië. “Wij vertrekken op 3 december om plaats te maken voor een vers team. Omdat de omstandigheden beter moeten. Overal waar je komt zie je de ellende en de verhalen die wij van vluchtelingen horen over wat ze hebben gezien en meegemaakt, zijn verbijsterend. Het Leger blijft er zolang het nodig zijn en we er iets kunnen betekenen voor de mensen. Het is een grote operatie waarvan we de enorme omvang een beetje in beeld beginnen te krijgen en die niet zonder hulp van binnen- en van buiten kan. Daarom zijn we dankbaar voor alle middelen die we krijgen. Ze zijn hard nodig.”