De discussie werd op scherp gezet. Als er geen stoornis in het spel is, dan moet de samenleving maar ingrijpen als mensen over de schreef gaan. Aldus de dokters. Als mensen zich afwijkend gedragen en schreeuwen om hulp, dan moeten de hulpverleners niet wegkijken, maar in actie komen. Aldus de handhavers van het gezag. 

We hebben onze vrijheid lief. Zelfs zo sterk, dat het in de praktijk van de laagdrempelige opvang in ons land, in de beschermd wonen voorzieningen, in het werk op straat, vrijwel onmogelijk is om mensen die maatschappelijk teloor gaan tegen zichzelf te beschermen. Ook de maatregelen die in de nieuwe wet verplichte GGZ worden voorgesteld geven die ruimte niet. De psychiater moet er aan te pas komen. Die kan alleen iets doen als er een stoornis is. En dan nog alleen als hij verwacht dat ingrijpen en behandelen een positieve uitwerking zullen hebben. De dokter is, zoveel is duidelijk geworden, terughoudend in zijn oordeel.

Moet het dan altijd eerst mis gaan? Kan er dan pas iets gedaan worden als de persoon in zijn verwarring zichzelf of anderen schade toebrengt? Terwijl we weten dat het binnenkort mis gaat? Kan de burgemeester iets doen? Samen met de Officier van Justitie, de reclassering en hulpverlenende instelingen? Wij hebben als Leger des Heils dagelijks met deze situaties te maken. Wij denken dat dat kan. Verwarde mensen kunnen uit de vicieuze cirkel van uitzichtloosheid komen met goede steun, correctie en – inderdaad – verplichte – begeleiding. Met een stok achter de deur dus. Soms is dat nodig.